Cruise terminal
Hallo lieve vrienden,
Op zondagochtend 15 maart voeren we via de rivier de Taag Lissabon
binnen.
Het was redelijk weer: zonnig, maar niet warm. We wilden in de
benedenstad gaan wandelen. We zijn al een aantal
keren in Lissabon geweest en we weten de weg. Alleen hadden we een tegenvallertje,
want in de omgeving van de cruiseterminal was de hoofdweg
opengebroken en de omweg voor voetgangers was slecht aangegeven. We
liepen nu steil omhoog het oude stadsgedeelte in. Gelukkig waren er
veel winkeltjes en eettentjes open en de stad was niet zo verlaten
als Leixões op de heenweg.
Na een pittig
klimmetje zochten we een terrasje op. Ik was voor de eerste dag van
de medicijnen af en kon nu een lekker wijntje drinken.
Weer wat bijgekomen gingen we richting Praça do Comércio ("Handelsplein"). In
1974 nam dit plein een
belangrijke plaats in bij de Anjerrevolutie, die een einde maakte aan
de dictatuur in Portugal.
Onder de galerij in het noorden van het plein was een kunstmarkt
waar artiesten
mooie producten verkochten. Helaas staat ons huis al vol met leuke
dingen en bleef het bij
kijken.
Terug naar de cruiseterminal hadden we een binnendoorweg gevonden en
we hoefden niet meer omhoog door het oude gedeelte.
Om 17.00 u vertrok het schip. Dit gaf ons nog eens de kans om
Lissabon vanaf de rivier te bekijken en een laatste blik te werpen op de gebouwen
langs de Taag, zoals de toren van Belém en het monument ter ere van
de Portugese ontdekkingsreizigers (Padrão dos
Descobrimentos).
De volgende dag brachten we weer op zee door. We zouden de dag
daarna voor de laatste keer Spanje aandoen.
Op de ochtend van 17 maart keek ik door het raam van de hut naar buiten en
ik zag tot mijn grote
verbazing bergen met sneeuw. Noord-Spanje staat natuurlijk bekend om zijn wintersportmogelijkheden, maar daar sta je tijdens
een mediterrane cruise niet zo bij stil.
Het schip legde aan bij de cruiseterminal in Santander. Dit is een
stad met een historisch verleden en een oud Middeleeuws centrum. Helaas werd een groot deel verwoest tijdens een
twee dagen durende brand in 1941.
In de omgeving van de stad zijn prachtige stranden, maar wij zochten
het iets verderop. We hadden een excursie geboekt met
schilderachtige vergezichten, die ons leidde naar Comillas en
San Vincente.
Onderweg naar Comillas zagen we in de verte
de besneeuwde pieken van het Cantabrische gebergte.
Eind 19e en begin 20e eeuw was Comillas één van de favoriete
vakantiebestemmingen van de Spaanse koninklijke familie en van de adel.
Koning Alfonso XII verbleef er verschillende perioden en op 5
september 1881 heeft hij de ministerraad in de stad gehouden.
Daarvoor moest hij de stad voor 1 dag uitroepen tot hoofdstad van
Spanje.
De Markies van Comillas gaf opdracht tot het bouwen van het "Palacio de
Sobrellano" met de bedoeling dat de koning dit als zijn
zomerverblijf zou gaan gebruiken. Het was het eerst gebouw in
Spanje met elektriciteit.
Wij hebben het paleis bezichtigd. Het is zowel binnen als buiten
fraai gedecoreerd in neogotische stijl en het bevat
veel schilderijen, allerlei kunststukken en een indrukwekkende huisbibliotheek. Mijn oude
bibliothecarishart bloeide hier weer op.
Naast het paleis is de Pantheonkapel gebouwd, waar de markies is
begraven. Weer iets verderop staat een door Gaudi ontworpen villa. De villa hebben we alleen van de buitenkant bezichtigd.
Deze is schitterend versierd
met bloemen en allerlei ornamenten.
Het tweede plaatsje dat we bezochten was San Vincente. De
tocht er naar toe was weer wonderschoon: links de bergen met sneeuw
en rechts de zeegezichten.
Het stadje ligt in een natuurgebied, aan zee tussen
twee rivieren die in de zee uitmonden. In de stad zijn verschillende
bezienswaardige monumenten zoals een kasteel uit de 13e eeuw en de
kerk van Santa Maria de los Angeles. Deze ligt op een hoge rots en
van daaruit heb je een adembenemend uitzicht op de bergen, de stad
en op de zee. We liepen met de gids door de straatjes van het oude
stadje naar boven om van dit uitzicht te genieten. Daarna reden we
met de bus via een andere weg terug naar het schip.
De volgende dag kwamen we aan in Le Verdon-sur-Mer. De aanleghaven lag 4 kilometer van het dorp
en het terrein rondom het schip was verboden gebied. Bordeaux is 100 kilometer verder en de meeste passagiers boekten
een
excursie naar de stad of het wijngebied.
Wij
hadden thuis al een excursie uitgezocht. Bordeauxwijn is onze favoriete wijn en
we wilden daar graag ter plekke iets van proeven.
De tocht ging door
de Medoc langs de linkeroever van de Gironde. Het eerste gedeelte
van de tocht was een moerassig, mangroveachtig terrein, wat ik
persoonlijk wel mooi vond. Het doel van onze tocht was het wijnhuis Château Lafitte Carcasset in
Saint Estèphe.
Eerlijk gezegd viel het bezoek een beetje tegen. Er was een vrij
korte uitleg, een snelle proeverij en verder veel tijd om wat te
kopen. We hebben geen wijn gekocht, want we drinken thuis veel
betere en lekkerdere Bordeauxwijn.
We ontdekten wel iets anders interessants. Tussen allerlei
wijngidsen lag een stripboek over de "Marathon du Medoc". Die wordt
sinds 1985 jaarlijks gelopen en wordt de langste marathon van de wereld
genoemd.
Het is een officiële, zelfs internationale marathon, die door de Medoc en de Girondestreek
loopt. Hij doet 23 wijnhuizen aan en onderweg wordt wijn gedronken,
worden hapjes geserveerd, oesters gegeten en steak opgediend. 90%
van de deelnemers is verkleed. Bij de wijnhuizen zijn er optredens
van
bands. Ik las een
verslag op internet van enkele
Hilversumse dames die mee hadden gedaan en die van tevoren flink
geoefend hadden met hardlopen en tussendoor wijn drinken en
Franse kaasjes en oesters eten.
Thuis hebben we meteen via internet het stripboek besteld en ondanks
ons roestige Frans ons in het stripverhaal verdiept. Ongelofelijk dat
mensen dit een marathon vol houden. Wel heel apart.
"Ils sont foux, ces Francais", zou Obelix zeggen (rare jongens, die
Fransen).
Weer terug op het schip maakten we ons op voor de activiteiten van
de laatste cruisedagen en voor het laatste bezoek aan Frankrijk. Dit
was op 20 maart naar Honfleur
in Normandië.
Het was een zonnige, niet te warme dag. Vanaf de
cruiseterminal namen we de shuttlebus om het plaatsje te
bezoeken.
Honfleur ligt aan de mond van de Seine. Het is bekend om zijn oude
haven en de vele schilderachtige huizen met leistenen daken.
Honfleur is door veel bekende schilders vereeuwigd o.a. door Claude
Monet. Bij de bevrijding in 1944 is de stad niet verwoest.
We maakten een wandeling door de stad en kochten er onze laatste
souvenirs. De bewoners zijn erg vriendelijk en groeten
iedereen, terwijl het plaatsje toch erg toeristisch is en ze dus
veel mensen moeten groeten.
We bezochten een winkeltje met wat oude en antieke spulletjes. De eigenaar
was gek op Bob Marley en reggae muziek en deze draaide hij volop in
zijn zaak. Hij stond er op om Engels te
spreken, terwijl ik toch erg mijn best had gedaan om zo veel
mogelijk in het Frans te communiceren.
Na onze laatste inkopen was
het weer tijd voor een glaasje wijn en wij dronken dat met het
uitzicht op de oude haven en het gerestaureerde "La Lieutenance" ,
een oude havenpoortgebouw.
Deze dag aan wal was ons goed bevallen en Honfleur is een
plaatsje dat we zeker nog een keer willen bezoeken.
De laatste dagen van een langere cruise zijn meestal drukke dagen. Er
wordt vaak een uitvoering georganiseerd met
optredens van de passagiers, maar deze werd afgelast vanwege de
onstuimige zee in de
Golf van Biskaje. De Ambassador-staf was bang
dat de deelnemende passagiers niet goed op hun benen zouden kunnen
blijven staan op het podium.
Er is ook vaak een show met allerlei leden van de bemanning, zoals obers,
hutpersoneel, administratieve medewerkers, enz. Deze keer was de show de beste, die we in al die jaren hebben
gezien.
Onze eigen wijnkelner Tasia stal de show met een mooie vocale
bijdrage. Ze was weliswaar een beetje zenuwachtig maar erg goed.
Bij het laatste formele diner was er weer de traditionele "Baked Alaska parade".
De obers lopen in een parade met ijstaarten met vuurwerksterretjes
tussen de tafels van de gasten. Onze obers Tasia en Harvey maakten er een hele
vertoning van.
De voorlaatste dag was ook de dag van het ukeleleconcert. Jan heeft
deze maand weer grote vooruitgang geboekt. Het was een leuk concert
om naar te luisteren.
En dan komt onherroepelijk de tijd om weer in te pakken. Je zet de ingepakte koffers 's avond voor 22 u op de gang en de bemanning zorgt dat het de andere dag aan de wal voor je klaar staat. Zo hoef je maar minimaal te sjouwen. Deze keer hadden we ter controle foto's gemaakt, zodat we niet weer een bagagestuk zouden vergeten zoals de vorige keer.
Het schip kwam op zondag 22 maart mooi op tijd in Tilbury aan.
Je moet dan altijd nog wel even wachten voordat je van boord mag,
want het ontschepen van 1200 passagiers is een hele logistieke
operatie.
Nadat we uitgecheckt waren, vonden we snel alle bagage terug en
controleerden we of we nu echt wel alles hadden. We laadden we de
bagage op de trolleys en gingen naar de
parkeerplaats. We
wisten niet meer precies waar de auto stond. Jan probeerde met de autosleutel de lichten te laten knipperen. Helaas,
we zagen
niets branden. Bij de auto aangekomen bleek de accu leeg te zijn. De deur
gaat dan niet met de afstandsbediening open en je kunt er alleen aan de
bestuurderskant in met de mechanische sleutel. Gelukkig had Jan een noodaccu meegnomen
om in geval van nood de auto-accu op te laden. We hoopten dat de auto tijdens
de rit naar Harwich weer volledig zou zijn opgeladen.
In Harwich deden we nog wat boodschappen. Op het
parkeerterrein bij de Lidl werden we door een Brit aangesproken, die
het erg leuk vond dat we uit Nederland kwamen. Hij gaf mij spontaan
een mooi reisdagboek, dat hij in de auto had liggen. Hij dacht dat
ik dat wel zou kunnen gebruiken. Het boek leek trouwens erg veel op
mijn huidige reisdagboek.
We gebruikten het avondeten in een restaurant vlak bij de ferry naar
Hoek van Holland en we waren ruimschoots op tijd om in te checken. De accu
gedroeg zich de hele middag prima.
Na de controle bij de douane moesten we nog een uurtje wachten. Toen
alle auto's in beweging kwamen om te gaan inschepen wilde Jan starten en jawel hoor, de
accu was weer leeg. De noodaccu hielp ook niet meer, die was ook
compleet leeg.
Er kwam gelukkig snel hulp van de technische dienst van de Stena
Line en we mochten meteen door naar het schip en hoefden niet meer
te stoppen.
Aan boord waarschuwden we bij de receptie dat we de andere dag hulp zouden
moeten hebben en dat werd meteen doorgegeven.
De volgende ochtend in Hoek van Holland hadden we ons al op
het ergste voorbereid. Tot onze grote verbazing startte de auto meteen.
Ondanks allerlei filewaarschuwingen, waren we rond 10 uur in Bussum. Jan maakte meteen een afspraak met de garage. Dat kon pas een week later. De hele week moesten we voor elk tochtje de noodaccu gebruiken, die we steeds thuis opnieuw oplaadden. In de garage is een nieuwe accu in de auto gezet.
We hebben weer een heerlijke tijd gehad, ook al vonden we het programma
wel druk. Op onze lange reizen zijn we gewend, dat we af en toe een
dag of drie of vier alleen maar zee zien. Dat was nu duidelijk
anders. Maar ook deze keer is Ambassador ons weer goed bevallen.
De, voor deze tijd, betrekkelijk kleine schepen, de adults-only
politiek, het aanbod van interessante lezingen en de grote keuze aan
zinvolle activiteiten zorgen er voor, dat we deze maatschappij een
waardige opvolger vinden voor het ter ziele gegane Cruise & Maritime
Voyages, onze vorige maatschappij.
Dit was onze 10e cruise sinds 2010 en we hebben 299 overnachtingen
op onze teller.
Hello dear friends,
On Sunday morning, March 15, we sailed into Lisbon via the
Tagus River. The weather was reasonable: sunny, but not hot.
We wanted to go for a walk in the lower town. We have been to Lisbon
a number of times and we know our way around. But we had bad luck,
because the main road in the vicinity of the cruise terminal had
been broken up and the detour for pedestrians was poorly indicated.
We now walked steeply up into the old part of the city. Fortunately,
many shops and snack bars were open and the town was not as deserted
as Leixões on the Sunday we visited it.
After a tough climb we looked for a terrace. I was off the
medication for the first day and could now drink a nice glass of
wine.
After recovering a bit, we headed towards Praça do Comércio ("Trade
Square"). In 1974, this square played an important role in the
Carnation Revolution, which ended the dictatorship in Portugal.
In the gallery in the north of the square was an art market where
artists sold beautiful products. Unfortunately, our house is already
full of nice things and we were left with just looking.
Back to the cruise terminal we had found a shortcut and we no longer
had to go up through the old part.
The ship left at 5 p.m. This gave us another chance to view Lisbon
from the river and take a last look at the buildings along
the Tagus, such as the Tower of Belém and the monument in honor of
the Portuguese explorers (Padrão dos Descobrimentos).
The next day we spent at sea again and after that day we would
visit Spain for the last time.
On the morning of March 17, I looked outside the cabin window and I was amazed to see
mountains covered in snow. Northern Spain is of course known for its
winter sports opportunities, but you don't really think about that
during a Mediterranean cruise.
The ship docked at the cruise terminal in Santander. This is
a city with a historic past and an old medieval center.
Unfortunately, much of it was destroyed during a two-day fire in
1941.
There are wonderful beaches in the vicinity of the city, but we went a little further away. We had booked an excursion with
scenic views, which led us to Comillas and San Vincente.
On
the way to Comillas we saw the snow-capped peaks of the Cantabrian
mountains in the distance.
At the end of the 19th and beginning of the 20th century, Comillas
was one of the favourite holiday destinations of the Spanish royal
family and nobility. King Alfonso XII stayed there for several
periods and on September 5, 1881 he held the Council of Ministers in
the city. To do this, he had to declare the city the capital of
Spain for one day.
The Marquis of Comillas ordered the construction of the "Palacio de
Sobrellano" with the intention that the king would use it as his
summer residence. It was the first building in Spain with
electricity.
We visited the palace. It is splendid decorated both inside and
outside in neo-Gothic style and contains a lot of paintings, all
kinds of works of art and an impressive home library. My old
librarian heart blossomed again here.
The Pantheon Chapel was built next to the palace, where the Marquis
is buried. A little further on is a villa designed by Gaudi. We only
viewed the villa from the outside. This is beautifully decorated
with flowers and all kinds of ornaments.
The second town we
visited was San Vincente. The journey there was again
scenic: on the left the mountains with snow and on the right the
seascapes.
The town is located in a nature reserve, on the sea between two
rivers that flow into the sea. The city has several monuments worth
seeing, such as a castle from the 13th century and the church of
Santa Maria de los Angeles. This is located on a high rock and from
there you have a breathtaking view of the mountains, the city and
the sea. We walked up with the guide through the streets of the old
town to enjoy this view. Then we took the bus back to the ship via a
different route.
The next day we arrived in Le Verdon-sur-Mer.
The port of call was 4 kilometres from the village and the area
around the ship was prohibited. Bordeaux is 100 kilometres away and
most passengers booked an excursion to the city or the wine region.
We had already selected an excursion at home. Bordeaux wine is our
favourite wine and we wanted to taste some of it locally.
The tour went through the Medoc along the left bank of the Gironde.
The first part of the trip was a swampy, mangrove-like terrain,
which I personally liked. The destination of our tour was the
Château Lafitte Carcasset winery in Saint Estèphe.
To be honest, the visit was a bit disappointing. There was a fairly
short explanation, a quick tasting and plenty of time to buy
something. We didn't buy any wine, because we drink much better and
tastier Bordeaux wine at home.
However, we discovered something else interesting. Among all kinds of
wine guides there was a comic book about the "Marathon du Medoc". It
has been run annually since 1985 and is called the longest marathon
in the world. It is an official, even international marathon, that
runs through the Medoc and Gironde region. The runners visit 23
wineries and along the way wine is drunk, snacks are served, oysters
are eaten and steak is served. 90% of the participants are dressed
up. There are band performances at the wineries. I read a
report
on the internet from some ladies from Hilversum (Netherlands), who
had participated and who had practiced a lot in advance with running
and drinking wine and eating French cheeses and oysters in between.
At home we immediately ordered the comic book via the internet and,
despite our rusty French, we immersed ourselves in the comic strip.
It's unbelievable that people can keep this up for a marathon. Very
special.
“Ils sont foux, ces Francais,” Obelix from the comic strips of Asterix
and Obelisk would say (weird guys, those French).
Back on the ship
we prepared for the activities of the last cruise days and for the
last visit to France. This was on March 20 to Honfleur in
Normandy.
It was a sunny, not too hot day. From the cruise terminal we took
the shuttle bus to visit the town.
Honfleur is located at the mouth of the Seine. It is known for its
old harbour and many picturesque houses with slate roofs. Honfleur
has been immortalized by many famous painters, including Claude
Monet. The city was not destroyed during the liberation in 1944.
We took a walk through the city and bought our last souvenirs. The
residents are very friendly and greet everyone, even though the town
is very touristy and they have to greet a lot of people.
We visited a shop with some old and antique items. The owner was
crazy about Bob Marley and reggae music and he played this
extensively in his business. He insisted on speaking English, even
though I had tried very hard to communicate as much as possible in
French.
After our last shopping it was time for a glass of wine again and we
drank it with a view of the old harbour and the restored "La
Lieutenance", an old harbour gatehouse.
We enjoyed this day on shore and Honfleur is a place that we
definitely want to visit again.
The last days of a longer cruise
are usually busy days. A performance is often organized with
acts of the passengers, but this was cancelled due to the
rough seas in the Bay of Biscay. The Ambassador staff was concerned
that the participating passengers would not be able to keep their
feet on the stage.
There often is also a show with various members of the crew, such as
waiters, cabin staff, administrative staff, etc. This time the show
was the best we have seen in all those years.
Our own wine waiter Tasia stole the show with a beautiful vocal
contribution. Although she was a bit nervous, she was very good.
The last formal dinner included the traditional "Baked Alaska
parade". The waiters walk in a parade with ice cream cakes with
firework sparklers between the tables of the guests. Our waiters
Tasia and Harvey made quite a show of it.
The penultimate day was also the day of the ukulele concert. Jan has
made great progress again this month. It was a nice concert to
listen to.
And then the time inevitably comes to pack again. You have to put the packed suitcases in the hallway before 10 p.m. and the crew will ensure that it is ready for you on shore the next day. This way you only have to carry around minimally. This time we took pictures of the luggage for checking, so that we wouldn't forget anything as we did last time.
The ship
arrived in Tilbury on time on Sunday, March 22.
You always have to wait a while before you can disembark, because
disembarking 1,200 passengers is quite a logistical operation.
After we checked out, we quickly found all our luggage and checked
whether we really had everything. We loaded the luggage onto the
trolleys and went to the parking lot. We no longer knew exactly
where the car was. Jan tried to flash the lights with the car key.
Unfortunately, we didn't see anything burning. When we arrived at
the car, the battery turned out to be empty. The door will then not
open with the remote control and you can only enter it on the
driver's side with the mechanical key. Fortunately, Jan had brought
an emergency battery with him to charge the car battery in an
emergency. We hoped that the car would be fully charged again during
the drive to Harwich.
We did some shopping in Harwich. In
the parking lot at Lidl we were approached by a Brit who was very
pleased that we were from the Netherlands. He spontaneously gave me
a nice travel diary that he had in the car. He thought I could use
that. By the way, the book was very similar to my current travel
diary.
We had dinner in a restaurant near the ferry to Hoek van Holland and
we got there in plenty of time. The battery behaved well all
afternoon.
After the customs check we had to wait another hour. When all the
cars started moving to embark, Jan wanted to start and sure enough,
the battery was empty again. The emergency battery no longer helped,
it was also completely empty.
Fortunately, help came quickly from the Stena Line technical service
and we were allowed to continue straight to the ship and did not
have to stop anymore. On board we warned reception that we would
need help the next day and this was immediately communicated.
The next morning in Hoek van Holland we had already prepared
ourselves for the worst. To our great surprise, the car started
immediately.
Despite all kinds of traffic jam warnings, we arrived
in Bussum around 10 a.m. Jan immediately made an appointment
with the garage. That was only possible a week later. The entire
week we had to use the emergency battery for every trip, which we
kept recharging at home. A new battery was put in the car in the
garage.
We had a wonderful time again, although we thought the program was
busy. On our long journeys we are used to have three or four sea
days after another now and then. That was clearly different now. But
this time too, we really liked Ambassador.
The relatively small ships, the adults-only policy, the range of
interesting lectures and the wide choice of meaningful activities
ensure that we consider this company a worthy successor to the
defunct Cruise & Maritime Voyages, our previous company.
This was our 10th cruise since 2010 and we have 299 nights under our
belt.
Lissabon (map)
Santander (map)
Le Verdon, Bordeaux (map)
Honfleur (map)
Gewijzigd op: 22-05-26 23:44:01